Struyk Verwo Infra

Nieuws

5 vragen aan gemeente Tilburg over klimaatadaptatie

Overig
De gemeente Tilburg zet graag een stapje extra als het gaat om klimaatadaptatie.
 
Ben van de Ven, adviseur Wegen, Markeringen en Wegmeubilair van de gemeente Tilburg vertelt over het klimaatadaptatieplan van zijn gemeente. 
 
 
Op de foto een straat in de wijk Witbrant-Oost. Een voorbeeld hoe je een straat kunt inrichten, regenwater kunt bergen en gebruik maakt van veel groen. (Bron: gemeente Tilburg)
 

'We hebben de markt nodig om mee te denken in oplossingen'

 
1. Wat is het klimaatadaptatieplan van de gemeente Tilburg? Wat wil de
   gemeente bereiken? 
‘Duurzaamheid, daar kom je niet meer onderuit. We moeten duurzaam gaan denken, werken en leven. Duurzaamheid en klimaatadaptatie vallen samen. Als we kijken naar de temperatuurkaart van 2040 dan wordt Tilburg, net als de rest van Nederland, erg warm. Het koelt ’s nachts ook minder af. Ook de neerslag wordt meer en duurt langer. Dat zien we nu al gebeuren. Als we niets doen, hebben we een probleem. Je aanpassen aan het klimaat, ook dat is duurzaam. De stad moet leefbaar blijven. Niet alleen qua warmtehuishouding, maar ook voor het extra water moet een oplossing komen. Het klimaatadaptatieplan draait vooral om de vraag: hoe maken we de stad klimaatbestendig; hoe maken we de stad leefbaar, ook als het straks warmer en natter wordt?’
 
2. Wat doet de gemeente zelf om klimaatneutraal te worden in 2043? En wat doet de
   gemeente om andere partijen te helpen/ondersteunen? 
‘Tilburg is een regiegemeente, we vragen de markt om oplossingen te geven, zo ook voor klimaatadaptatie. Een halfjaar geleden zijn we begonnen om in alle contracten een soort ’klimaateis’ op te nemen. Een partij kan scoren door de beste oplossing te bedenken in haar plan van aanpak. Een oplossing voor bijvoorbeeld waterberging, duurzame inrichting of beheer. Zo vragen we externe partijen mee te denken om onze klimaatdoelen te behalen. Maar we zijn als gemeente al langer bezig om ons voor te bereiden op de toekomst. Woonwijken worden al lange tijd klimaatbestendig aangelegd. En bijvoorbeeld op kleinere schaal stimuleert de gemeente het aanleggen van geveltuintjes, om voortuinen te ontharden. Dit zorgt niet alleen voor een betere leefbaarheid, want meer groen is fijner voor de bewoners. Het zorgt ook voor extra water- en hitteopname. 

Vanuit mijn afdeling kijken we nu naar de verharding in de binnenstad. Wat kunnen we daaraan veranderen? Hoe krijgen we koelte de stad in? Wat is er beschikbaar? Wat moeten we ontwikkelen? Hoe kunnen we met standaardmateriaal iets moois maken? In de openbare ruimte zijn een heleboel standaardmaterialen. Maar we willen ze anders gebruiken. Bijvoorbeeld: een straat van betonstraatstenen kun je ook aanleggen met waterdoorlatende voegen, niemand heeft door dat die voegen meer water naar de ondergrond doorlaten. Een beetje omdenken is soms nodig.’’
 
3. Heeft u voorbeelden van aanpassingen in de openbare ruimte met het oog op
    klimaatadaptatie? 
‘Het belangrijkste dat we doen, is de stad ontharden. Meer groen, beter groen. We zoeken het in vooral kleine aanpassingen. Bijvoorbeeld een breed trottoir. Dat is grotendeels verhard, als afsluiting/afscheiding planten we daar een haag, in plaats van paaltjes. Maar we kijken verder. De ondergrond - asfalt of tegels - is nu grotendeels zwart. Deze zwarte ondergrond neemt veel warmte op, wat veel bijdraagt aan de opwarming van de stad. We doen nu een pilot waarbij we asfalt en straatstenen met 30% wit laten ontwikkelen. Wit weerkaatst licht in plaats van dat het absorbeert, wat zorgt voor minder opwarming. Met als extra bijkomstigheden: meer veiligheid want de wegen zijn beter zichtbaar ’s nachts en daarnaast is ook de technische levensduur beter. We weten nog niet hoeveel graden opwarming het scheelt, dat moet nog blijken. Welke maatregelen hebben het meeste effect? Dat zijn we nu aan het uitvinden. We hebben de markt nodig om mee te denken in oplossingen en nieuwe ontwikkelingen. 
 
4. Hoe verandert door de klimaatveranderingen het beheer van de openbare ruimte
    voor gemeenten? 
‘Een andere inrichting vraagt om ander beheer. In de praktijk zul je zien dat er vanwege de klimaatadaptatie meer groen is. Meer onkruid ook. Dat betekent soms dat er meer onderhoud nodig is, meer kosten. Hoe gaan we daar mee om? Wat willen de bewoners? We denken aan mooie groene oplossingen, hoe wil de buurt dat? Dat zijn zaken die we gaandeweg moeten gaan ontdekken. Maar let op, klimaatadaptatie, of aanpassingen daarvoor, hoeft niet altijd meer kosten te betekenen. Denk aan grastegels of juist onkruidvrije bestrating. In aanschaf misschien duurder, maar met een lange levensduur dus je haalt het rendement er wel uit.’
 
5. Hoe investeer je als gemeente genoeg in klimaatbestendigheid? 
‘We houden ons aan de richtlijnen duurzaam inkopen. Dat is uiteraard verplicht. Maar Tilburg legt de lat hoog, we zijn eigenwijs. We hebben een bestuurlijke opdracht meegekregen en daar gaan we voortvarend mee aan de slag. Ik denk dat niets doen problemen oplevert, soms móet je investeren. Maar de gemeente kan het niet alleen, we hebben de hulp van derden nodig. Burgers, de markt, privépartijen. Laat ik zeggen dat 50% van de overheid/gemeente moet komen en de andere 50% van derden. We moeten samenwerken aan oplossingen.’