Hydro Lineo 40

Hydro Lineo 40
De getoonde tekeningen zijn illustratief.
Hieraan kunnen geen rechten worden ontleend
Modeltekening
Uitvoeringen
afmetingen (cm)uitvoeringgewicht
(kg)
10x30x10Begroeibaar oppervlak 40%4,49
Andere modellen uit deze productlijn
Kleuren
Standaard grijs
Standaard grijs
Standaard donkergrijs
Standaard donkergrijs
Standaard zwart
Standaard zwart
Standaard rood
Standaard rood
Standaard geel
Standaard geel
Standaard paars
Standaard paars
Standaard wit 051
Standaard wit 051
Standaard blauw 051
Standaard blauw 051
Saxum granietgrijs
Saxum granietgrijs
Saxum medium grijs
Saxum medium grijs
Saxum donkergrijs
Saxum donkergrijs
Saxum basaltzwart
Saxum basaltzwart
Saxum arduin
Saxum arduin
Saxum bologna
Saxum bologna
Saxum kwartsietwit
Saxum kwartsietwit
Saxum ivoor
Saxum ivoor
Saxum lichtgeel
Saxum lichtgeel
Saxum geel
Saxum geel
Saxum geel-oranje
Saxum geel-oranje
Saxum oranje
Saxum oranje
Saxum porfierrood
Saxum porfierrood
Saxum robijnrood
Saxum robijnrood
Saxum rood
Saxum rood
Saxum paars
Saxum paars
Saxum zalmrood-bruin
Saxum zalmrood-bruin
Saxum kastanje
Saxum kastanje
Saxum bruin
Saxum bruin
Saxum donkerbruin
Saxum donkerbruin
Saxum grijsgenuanceerd
Saxum grijsgenuanceerd
Saxum roodgenuanceerd
Saxum roodgenuanceerd
Saxum bruingenuanceerd
Saxum bruingenuanceerd
Verwerking

De constructieve opbouw bestaat uit (zie figuur 1):

Onderfundering
Funderingssubstraat
Legbedsubstraat/straatlaag


Onderfundering

De niet gebonden ondergrond moet zowel voldoende waterdoorlatend zijn alsook worden verdicht. Om overmatige zettingen te voorkomen, dient de ondergrond voldoende draagkrachtig te zijn voor de gekozen wegcategorie. Fundering in profiel aanbrengen en deze absoluut vlak afwerken. Voor het bepalen van de juiste verdichting adviseren wij altijd een deskundige te raadplegen.

Funderingssubstraat

Het gekozen substraat met een pHwaarde van 4,5¬7 moet draagkrachtig zijn en tegelijkertijd wortelgroei stimuleren. De verhouding draagkrachtig materiaal en voedingsbodem ligt rond 70/30 met een poriënvolume > 30% voor de benodigde waterinfiltratie. De gekozen grove mineralen hebben een fractie van 16/32 mm en dienen vorstbestendig en drukvast te zijn. Houd rekening met een maximale dikte van 20 cm voor het funderingssubstraat en dat minimaal 10 cm boven het grondwater moet liggen. Het gekozen funderingssubstraat per laag van 10 cm dikte op de juiste wijze verdichten (rollen). Daarna de volgende laag aanbrengen. Het substraat wordt aardvochtig aangeleverd en dient zonder tussenwerking direct verwerkt te worden. Bij neerslag het substraat afdekken om een goede verwerking te behouden.

Legbedsubstraat/straatlaag

Gebruik een homogeen legbedsubstraat van berijdbare gewassen steenslag (4/8 mm). In combinatie met een voedingsgrond met een laag gehalte aan organische stoffen (1%) waarbij de pH¬waarde ligt tussen 4,5¬7. Het substraat met een dikte van 4¬6 cm met een roller aanbrengen. Bij neerslag het substraat afdekken om ontmenging door neerslag te vermijden.


Straten

De groenbestrating gelijkmatig in hoogte, haaks en in lijn aanbrengen. Groenbestrating rondom goed opsluiten zodat het legpatroon niet kan verschuiven. Afhankelijk van de ligging, omliggende betonbanden met steunrug van stampbeton versterken. De stenen dienen bij voorkeur minimaal 35 dagen te zijn uitgehard, alvorens te verwerken.


Machinaal straten

Afhankelijk van het legpatroon kan groenbestrating in de meeste gevallen machinaal met een klem worden verwerkt. De klem is uitgerust met een rubberen bescherming en verstelbare nokken. Bij gebruik van zware machines dient het gewicht over de bestrating verdeeld te worden door middel van een kunststofplaat. Gedeeltes die niet machinaal gestraat worden in geen geval met kruiwagen aanvoeren; stenen kunnen hierdoor makkelijk beschadigd worden.


Grastegelmengsels

We adviseren om dagvers grastegelmengsel met circa 2,8 ‰ aan groeikrachtig graszaad en circa 9% aan organische stof met een pH¬waarde tussen de 4,5¬7 toe te passen. Het doorgemengde graszaadmengsel bestaat uit meerdere voorgekiemde grassoorten. Soorten die snel kiemen en naderhand traag groeien met een diepe wortelgroei (bijv. Rietzwenkgras) zodat het gras bestand is tegen droogte en hitte. Door vooraf een overkill aan graszaad in het grastegelmengsel te mengen wordt onkruid zoveel mogelijk verdrongen.


Vullen/intrillen

Grasopeningen eerst met een laadschop/loader met rubberen flap voor de helft vullen met het dagverse grastegelmengsel. Bestrating schoonvegen en in droge toestand met een lichte tegeltriller of trilrol intrillen. Daarbij overlapt de trilplaat steeds de helft van de vorige baan. Ter voorkoming van schade aan de bestrating dient de trilplaat uitgerust te zijn met een rubberen mat of dient er gebruik gemaakt te worden van een roltriller met kunststof omhulde rollen. De stenen altijd in langsrichting aftrillen om deformatie te voorkomen.

De grasopeningen voor de rest afvullen met grastegelmengsel, inwateren zodat de vulling circa 10--20 % inzakt tot 1,5 cm onder de bovenkant van de steen. Hierdoor is het hart van de gras plant beschermd tegen het verkeer. Het grastegelmengsel dient binnen 24 uur verwerkt te worden. Bij regenval het substraat afdekken om een goede verwerking te behouden.

In de tweede gang de bestrating met een stenentriller aftrillen. De stenen altijd in langs¬richting aftrillen om deformatie te voorkomen. Na het aftrillen opnieuw invegen en het overtollige materiaal afvoeren.


Invegen

Bij een combinatie van gesloten en open straatwerk, is het advies om de voegen bij het gesloten straatwerk te vullen met brekerzand 0-2 mm dat een overmaat aan fijne delen bevat. Het gesloten straatwerk dient meerdere malen ingeveegd of ingewassen te worden. Na het aftrillen, het straatwerk nogmaals inzanden, waarbij het zand nog enige tijd op het straatwerk moet blijven liggen.


Ingebruikname

Na aanleg mag de groenbestrating in gebruik worden genomen. Na 2 tot 3 weken opnieuw bevochtigen (licht besprenkelen). Normaliter ontstaat na 3 weken een groen straatbeeld.


Beheer/onderhoud

Bij intensief gebruik wordt het gras automatisch kort gehouden en is maaien/trimmen meestal niet nodig. Op plekken met minder intensief gebruik, maximaal 2 tot 3 keer per jaar maaien of trimmen. Bij voorkeur eens per jaar bijmesten (strooien) ter bevordering van een mooi groenbeeld. Disclaimer

Dit verwerkingsadvies is geen leidraad voor het ontwerp, aanleg en onderhoud van waterinfiltrerende groenbestratingssystemen. Een veelvoud aan factoren (verkeer; toegestaan overstromingsrisico, overige verharding, natuurlijke ondergrond, beplanting, etc.) kan het resultaat over langere tijd beïnvloeden. Struyk Verwo Infra aanvaardt daarom geen enkele aansprakelijkheid.
Kwaliteit

CE

CE is een wettelijk Europees erkend keurmerk ter bevordering van de handelsvrijheid tussen de EER lidstaten. Voor producten waar CE normen voor gelden, verklaart SVI haar productprestaties middels de Declaration of Performance (DoP).

Ga voor een overzicht van alle productcertificaten naar overzicht productcertificaten Download

BSB

Het BSB certificaat toont aan dat alle producten van SVI voldoen aan de milieu eisen uit het Besluit BodemKwaliteit. Hierin is geborgd dat producten binnen de toegestane emissie eisen blijven gedurende hun levensduur en zelfs bij hergebruik.

Ga voor een overzicht van alle productcertificaten naar overzicht productcertificaten Download